
De zeven werken van barmhartigheid
Michael Sweerts
ca. 1646 – ca. 1649
Aan het einde van zijn leven, geeft Jezus zijn volgelingen een aantal opdrachten. Hij vertelt hen wat hij van hen verwacht, en ook wat de beloning voor hun goede daden zal zijn: goede mensen krijgen het eeuwige leven. In deze toespraak noemt Jezus expliciet wat hij goede daden vindt: “Want toen ik honger had, gaven jullie mij te eten. Toen ik dorst had, gaven jullie mij te drinken. Toen ik een vreemdeling was, namen jullie mij in huis. Toen ik naakt was, gaven jullie mij kleren. Toen ik ziek was, zochten jullie mij op. Toen ik gevangen was, kwamen jullie naar mij toe. Dan zullen de goede mensen zeggen: ‘Maar Heer, wanneer is dat gebeurd? Dan zal ik tegen hen zeggen: ‘Elke keer dat jullie iets goeds deden voor één van de gelovigen, deed je iets goeds voor mij.'”
Sweerts schilderde de serie in Rome. Hieronder vind je de vier schilderijen die in het Rijksmuseum hangen, én de drie die elders een plek hebben gekregen.
De dorstigen te drinken geven

De naakten kleden

De zieken bezoeken

Je leest hier over deze opdracht van Jezus:




